Het zal u niet zijn ontgaan dat veruit de meeste recreanten afgelopen badmintonseizoen technisch, tactisch, fysiek en mentaal weer grote stappen hebben gezet. De laatste weken mogen de competitiespelers op dinsdagavond weer met ons meedoen, maar iedereen ziet dat zij moeite hebben met het hoge niveau.

Jammer genoeg zijn er ook talenten waarbij de ontwikkeling enigszins stagneert. Neem nou Frans. Op zich niet een (erg) onaardige man, maar hij spant zich zelden bovenmatig in. Hij maakt er een gewoonte van om iedere dinsdag 2 x 20 minuutjes een shutteltje te slaan, om vervolgens samen met zijn vrienden Frits en Jan ‘Tattoo’ M. aan het bier te gaan. Hierdoor is zijn soepele backhandsmash aan slijtage onderhevig en is zijn snelheid teruggebracht tot een bedenkelijk niveau. Ondanks deze grote slijtageverschijnselen, won Frans tegen alle verwachtingen in de hoofdprijs in groep 3 van de NummerCup.

Als je Frans nu ziet spelen, dan zou je het niet zeggen, maar Volgens Frans was hij enkele jaren geleden een van de uitblinkers van LBC; lokale toppers als Wim B., Ronald, Lars en Pieter kregen volgens Frans geen poot aan de grond tegen hem. Als voormalig topspeler heeft Frans mij nooit een blik waardig gegund en dat begrijp ik heel goed. Maar op enig moment begon Frans zowaar tegen mij te praten. Al snel werd duidelijk dat er geen sprake was van oprechte belangstelling, maar dat dit louter te maken had met eigen belang. Frans vond dat ik een stukje moest schrijven over zijn topprestaties in NC-verband. Daar kon ik natuurlijk geen nee tegen zeggen.

Maar in alle eerlijkheid kan ik niet zoveel zeggen over zijn NC-prestaties. Uit betrouwbare bron heb ik begrepen dat Frans voortdurend het geluk aan zijn zijde had, iedere week gunstig lootte en dat hij menig potje geflatteerd en tegen alle verhouding in heeft gewonnen. Eigenlijk was Frans de minste van het stel, maar toch gaat hij met de hoofdprijs naar huis. En dat is natuurlijk ook een kwaliteit.
Tot mijn grote schrik loop ik Frans nu ook buiten de baan regelmatig tegen het lijf. Ik heb jarenlang in het veilige Zuiderburen vertoeft, maar inmiddels moet ik mijn eitje koken in de achterbuurten van Aldlân. En waar ik mij met moeite staande weet te houden in deze rauwe volksbuurt (‘s avonds kom ik de deur niet uit), houdt Frans zich hier als straatvechter pur sang lachend staande.

De jaarlijkse barbecue vindt dit keer weer plaats op het landgoed van Frits, een van de maatjes van Frans. Ongegeneerd leidt Frits zijn gasten straks weer rond in zijn landhuis. Dit alles heeft Frits bij elkaar geharkt in de bankensector door middel van clandestiene woekerpolissen en andere dubieuze financieringen over de ruggen van de gewone man. Maar Frits kent totaal geen scrupules en slaapt ‘s nachts dan ook als een roos. Het wekt dan ook geen verbazing dat Frits van de barbecue een verdienmodel heeft weten te maken. Voor de gewone man (daar heb je hem weer) is het entreegeld voor de barbecue simpelweg niet op te brengen. Aangezien ik het aanzienlijk slechter heb dan de gewone man, heb ik Frans gevraagd enige coulance te betrachten door alleen voor mij een ‘sloeberkorting’ te hanteren. Ik werd echter keihard in mijn gezicht uitgelachen; “ik moet toch drie auto’s op de weg houden”, werd mij verteld en “met mijn jacht zijn toch ook aanzienlijke kosten gemoeid”. “Aardige mensen worden nooit rijk”, zei Frits. Dat verklaart in ieder geval dat ik geen cent te makken heb.

Het meedogenloze karakter van Frits lijkt erg op dat van Bernard Maarsingh. Bernard beleeft er veel plezier aan om beginnende badmintonners volledig van het veld te slaan. Iedere service wordt meedogenloos afgesmashed. Menig startend badmintonner houdt hier langjarige trauma’s aan over, maar Bernard gaat iedere week schaterend huiswaarts. Als ik abusievelijk weer eens een potje met groot verschil weet te winnen, dan voel ik me hier heel ongemakkelijk onder. Ik ben dan ook echt een ‘mensen-mens’, maar Bernard slaapt geen minuut minder van al het leed dat hij veroorzaakt.

Dan nog een bewonderend woord voor Wim B. Zoals bekend is Wim al 53 jaar lid van LBC zonder ooit maar eens een klein prijsje te winnen. En dat is nu eindelijk voorbij na het winnen van de hoofdprijs van de NummerCup. Dat is echt alleen voor de allergrootsten weggelegd en dat had helemaal niets te maken met de omstandigheid dat er ca. 15 concurrenten ontbraken. Deze prijs heeft hij volledig op eigen kracht binnengesleept. Zo zie je maar, de aanhouder wint!

Peter